Houtwal.be --> Fruitencyclopedie --> Houtig kleinfruit (Vaccinium) -->Blauwe bes -plantenziekten en plagen (Vaccinium corymbosum)
| Overzicht | |
| Schimmels (taksterfte, Botrytis, vruchtrot) |
Plagen (bladluizen, wintervlinder, topgalmug, gegroefde lapsnuitkever) |
| Vogels en wild | Chlorose |
Bij de blauwe bes (Vaccinium corymbosum) komen meestal
weinig schimmelziekten en plagen voor. Een biologische teelt (zonder
bespuitingen) is meestal goed mogelijk. In uitzonderlijke gevallen kunnen
toch schimmels of plagen optreden. Meestal is behandeling hiertegen
overbodig.
Soms sterven de scheuten af omdat de grond niet aangepast is aan de
eisen van de plant. (Niet zuur genoeg, te weinig organisch materiaal of
te veel voedingsstoffen). Afsterven van scheuten en planten door slechte
groeiomstandigheden: te nat, te droog, te kalkrijk, te weinig humus, te
veel voedingsstoffen/ meststoffen. De larve van de taxuskever/
lapsnuitkever die ook op aardbeien schadelijk is, kan ondergronds schade
toebrengen. Bladvergeling of chlorose door een te kalkrijke grond (te
hoge pH). Vaccinium corymbosum is een zuurminnende en kalkhatende plant.
(Godronia cassandrae of Fusicoccum putrefaciens). Een
schimmel die de bosbes-takken doet afsterven.
Symptomen:
- Ovale, bruinpaarse vlekken op de takken.
- Infectie geeft later verwelkte scheuten
- Bij zeer ernstige aantasting sterft de struik af.
Taksterfte treedt vooral op in het voorjaar. Is de bodem in orde en
bemest je met mate, dan is er meestal niet veel schade.
Bij zeer zware aantasting kunnen de blauwe bosbessenstruiken afsterven.
Bestrijding:
Men moet de infectiebronnen verwijderen en verbranden.
De cv 'Ivanho' is erg gevoelig voor taksterfte. Andere gevoelige
blauwe bessenrassen zijn 'Bluetta', 'Berkeley', 'Herbert' en 'Dixi'.
De Amerikaanse rassen zijn meestal gevoeliger voor taksterfte dan de
Duitse rassen. Amerikaanse bessenrassen geven meestal grotere bessen.
(Duitse rassen zijn o.a. 'Bluecrop', 'Coville', 'Collins', 'Goldtraube
71' , 'Heerma' en 'Weymouth')
(Botrytis cinerea). Bloesem kan soms aangetast worden door
deze schimmel.
Infectie kan men krijgen bij vochtig weer tijdens de bloei van de
blauwe bessen.
Symptomen:
- Bruine vlekken, nadien bedekt met grijs schimmelpluis.
- Aangetaste bloesem verschrompelt bij droog weer.
Door het verdrogen van de bloemen heeft men later minder blauwbessen.
Na de pluk van de blauwbessen komt er een schimmel op de vruchten. Aan de kelkholte ontstaat een ingezonken plek met plakkerige oranje sporen. Vooral de rassen 'Bluecrop' en 'Bluetta' zijn hiervoor gevoelig. De blauwbessenrassen 'Berkeley', 'Elliott' en 'Duke' zijn minder gevoelig.
Deze komen slechts zelden voor op blauwe bessen. Bladluizen geven een groeiremming en soms honingdauw. (Plakkerige bladeren).
Groenachtige spanrupsen kunnen vanaf maart aan bladeren, bloemen en
later aan de bessen vreten. (In een laat seizoen pas begin mei schade)
Bestrijding: door een bacteriepreparaat te spuiten. (Bacillius
thuringiensis). De temperatuur moet minimum 15° C zijn voor een goed
resultaat.
De larve van deze mug zuigt aan de bladeren waardoor een bladgal
ontstaat. Onder de afgestorven groeitop ontstaan vertakkingen. Als de
nieuwe uitloop aangetast wordt, ontstaan bossige, gedrongen planten.
Uitbreiding voorkomen door de verdorde toppen weg te knippen en te
vernietigen.
De gegroefde lapsnuitkever komt voor op aardbei, bosbes, druif,
framboos, kruisbes, roos en zeer veel andere plantensoorten. De
kever wordt ook wel taxuskever of druivenhaan genoemd.
De kever is ongeveer 9 mm groot en donkergrijs van kleur met diepe,
fijne groeven en kleine goudgele vlekken (haren) op zijn dekschild.
Hij is uitsluitend ‘s nachts actief. Overdag verbergt hij zich vaak
in de grond. De kevers kunnen niet vliegen.
Er zijn geen mannetjeskevers; de kevers planten zich uitsluitend
parthenogenetisch voort.
Larven zijn ongeveer 9 mm groot, roomkleurige/ crèmekleurig hebben
een bruine kop. Ze hebben geen duidelijke poten.
De eieren zijn 0,7 mm groot. Ze zijn eerst wit en verkleuren korte
tijd later bruinachtig.
De larven vreten aan rhizomen (wortelstok) van planten en aan het
bastweefsel van de rhizomen. Bij ernstige aantasting sterft de
bosbessenstruik af.
De snuitkevers vreten aan bladeren (bladrand) en vruchten.
Levenscyclus taxuskever:Bron: "Schadelijke en nuttige insecten en mijten in fruitgewassen", A.Van Frankenhuyzen, 1996 |
![]() |
Merels, lijsters en spreeuwen zijn dol op blauwe bosbessen. Netten over de struiken geven het beste resultaat. Zorg dat de vogels niet aan de bosbessen kunnen als ze op de netten zitten.
Konijnen en hazen kunnen soms veel schade aanrichten bij een
aanplanting.
Het perceel met draad afbakenen is de ideale oplossing. Draad ongeveer
40 cm diep ingraven.
Bij strenge vorst kan het dunne, zwakke hout doodvriezen. Een
gevoelige blauwbessenras is 'Berkeley'.
Goed winterhard zijn de rassen 'Bluecrop' en 'Patriot'.
Heel zelden kan er ook nachtvorstschade aan de bloemen of scheuten
voorkomen.
Weblinks
i.v.m. plantenziekten en plagen en
Fruitblog
ABC
Blueberry Diseases Control Guidelines (Oregon State U.)
Bladchlorose/ bladverkleuring en bladval bij blauwe bessen
Weedmanagement (Oregon State University)