|
Vormsnoei en onderhoudssnoei bij perenbomen. Algemeenheden: perenbomen zijn meestal pas laat vruchtbaar.
Rassenkeuze en groeiwijze. Opkweek van een jonge perenboom. Rasseneigenschappen i.v.m.
de perensnoei. Hoe praktisch perelaars snoeien?

Algemeenheden
bij de snoei van perenbomen
Wetenschappelijke naam:
 |
Pyrus communis - Gewone/ Europese peren |
 |
Pyrus pyrifolia - Japanse- of Aziatische peren (appelpeer) |
Nederlandse namen:
Pyrus communis = Peer, Europese peer, gewone
peer, perenboom/ perelaar, (pereboom).
Perenonderstam:
Cydonia oblonga (Kwee)
'Kwee MA', 'Kwee MC' en 'Kwee M Adams'
Familie en onderfamilie:
Familie: Rosaceae
Onderfamilie: Pomoideae (pitfruitachtigen)
Rassenkeuze en groeiwijze
van perenbomen/ perelaars.
De meest productieve en gemakkelijkste perenrassen zijn 'Conference', 'Concorde',
'Bonne Louise d'Avranches' en 'Durondeau'.
Laat productief en soms moeilijk te snoeien zijn 'Beurré Hardy' en 'Doyenné
du Comice'.
-
Groeiwijze bij perenbomen
De meeste perenrassen hebben de neiging om in het onderste
gedeelte van de boom de groei te laten zitten. (Niet bij Conference). Deze
zwakke groei onderaan de perenboom komt voor bij 'Doyenné du Comice', 'Beurré Hardy'
en 'Bonne Louise d'Avranches'.
Het gevolg is dat de groei zich in de kop concentreert.
Hierdoor komt er weinig licht onderaan in de perenboom, zodat daar weinig
gemengde knoppen worden gevormd. (Men kan de kopgroei afremmen door deze
pas in april-mei te snoeien.)
-
Is het een vruchtbaar perenras?
De productie bij een perelaar is de eerste jaren altijd lager dan
bij appels. Een vroege vruchtdracht kan de boomgroei afremmen. Vermits dit
niet het geval is, zal de perenboom groter moeten zijn.
Dit vraagt meer aandacht bij de opbouw van de perenboom.
Dit is geen bezwaar, daar de levensduur van perenbomen veel langer is. (50
jaar en meer)
Bij perenbomen is het uitzonderlijk dat men gemengde knoppen
heeft op eenjarig hout. In het beste geval hebben we bloemknoppen op het
tweejarige hout.
Het vruchthout heeft bij peren een tamelijke lange levensduur. Bij 'Conference' liefst maximum 2 jaar oud. Bij
'Doyenné du Comice' 40% 2 jaar en
60% ouder dan 2 jaar. (Anders teveel beurtjaren)
Opkweek
en snoeien van jonge perenbomen
Als een piramidale spil met 3 tot 5 iets oplopende gesteltakken (In
een hoek van 50° t.o.v. de harttak/ middentak). Bij het perenras 'Conference' mogen de
gesteltakken dieper uitgebogen worden (tot 70° t.o.v. de harttak). Deze
gesteltakken staan op 50- 60 cm boven de grond.
Je kan best tweejarige goed vertakte perenbomen planten.
Bij het planten tracht je de entplaats op 15 -20 cm boven de grond te
houden. (Hoe hoger de entplaats, des te zwakker de boomgroei)
Na de winter van het plantjaar (maart) zal de kop worden ingekort op ca.
40 -50 cm voor de niet-kopgroeiers (Conference), boven de hoogst
ingeplantte twijg. Staat deze twijg te steil, dan is het best van deze te
verwijderen.
Voor kopgroeiers (Doyenné du C.) is het wenselijk de verlengenis weg te
snoeien en terug te komen op een lager staande zwakke zijtwijg. Deze
zijtwijg zal je inkorten op 10 -15 cm.
Sterk zijhout uitbuigen tot op 50 -65 ° t.o.v. de middentak.
De volgende jaren zal men bij het
perenras 'Doyenné du Comice', de kop
verder goed inkorten om een stevig, blijvend frame te bekomen. Jaarlijks
de verlengenis wegnemen door terug te knippen tot op een zwakkere lager
ingeplantte twijg.
Bij niet-kopgroeiers ('Conference') zal men de verlengenis
behouden en korten op ca. 40 cm. Concurrenten zal men volledig
verwijderen.
In een later stadium, is het van belang, dat de uit de kop
ontstane twijgen worden uitgebogen, iets naar het horizontale toe. Dit
geeft dan vlug uitstekend vruchthout. (Steil ingeplante twijgen worden
niet uitgebogen, maar weggeknipt).
 |
| Vormen van leiperen |

Onderhoudsnoei
van oudere perenbomen
(Snoei van oudere perenbomen)
De perensnoei is gericht op:
Behouden van de optimale boomvorm
Beneden in de perenboom moet er voldoende groei blijven. Op het
einde van de gesteltakken mogen er een paar eenjarige twijgen blijven
staan. (Niet bij 'Doyenné du C.' en bij 'B.Hardy')
Opdat de middentak/ harttak mee kan produceren, moet er
voldoende stevig vruchthout aanwezig zijn. Dit vruchthout mag niet te lang
of te dik worden.
Goede belichting in
de perenboom
Bij het ouder worden van de perenboom, wordt het moeilijker een
goede lichttoetreding te behouden. (Perenbomen hebben meer licht nodig dan
appelbomen, om goede bloembotten te maken).
Zwaar hout regelmatig wegzagen.
De perenboom moet een duidelijke piramidale vorm hebben.
Zonodig inkorten tot op het meerjarig hout (vruchthout). Normaal nooit
inkorten in het eenjarige hout! (Soms toch eenjarige twijgen inknippen, bij een verlengenis van een
zwakgroeiende gesteltak, om de groei te prikkelen/ stimuleren)
-
Sterke gemengde knoppen op
het vruchthout.
Bij vele perenbomen is er onderaan slecht vruchthout. Dit
bloeit wel, maar de zetting en vruchtmaat vallen tegen. Men moet dan goed
in het vruchthout snoeien. (Dit geldt vooral voor 'Conference' en in mindere
mate voor 'Doyenné du Comice')
Voor het vormen van nieuw vruchthout, moeten 1-jarige
twijgen gekozen worden die matig sterk zijn. Ze staan bij voorkeur
ingeplant op de zijkant van het zwaardere hout. Ze hebben goed ontwikkelde
bladogen, maar zijn niet gestekeld.
-
Optimale hoogte van een
perenboom.
De hoogte van een perenboom hangt af van de plantafstand.
Het regelmatig terugzetten van de kop moet op goed vruchthout gebeuren. (Bijv.
een schuin opgerichte vruchtdragende perentak)
Eens de gewenste hoogte bereikt is, zal men de verlengenissen terugnemen
tot op gemengde knoppen van een tweejarige tak. Dit werkt meer
groeiremmend dan terugkomen op een éénjarige twijg.
Onder de gemengde knoppen laat men enkele zwakke twijgjes staan, om hier
volgend jaar op terug te komen.
Verwaarloosde perenbomen.
Deze perenbomen moeten geleidelijk aan in de goede vorm
gesnoeid worden.
Zware ingrepen mag men doen als er zeer veel gemengde knoppen zijn en als
er een goede oogst mag verwacht worden.
In de zomer kan men snoeifouten goed beoordelen.
Beurtjaren bij perenbomen
en andere pitfruitbomen
De meeste perenrassen zijn beurtjaargevoelig.
In een goed draagjaar worden er weinig gemengde knoppen aangelegd. Om het
volgende fruitjaar toch nog een redelijke peren-oogst te krijgen, moet men erg zuinig
zijn met de aanwezige knoppen. Men kan daarom pas snoeien als de gemengde
knoppen goed herkenbaar zijn, dus in het voorjaar (maart).
Na een beurtjaar (slecht draagjaar) zijn er zeer veel
gemengde knoppen. Men zal dan een deel van het oude vruchthout wegsnoeien
en het resterende deel op enkele gemengde knoppen inknippen. Door tijdens
de bloei een groot aantal bloemen te verwijderen kan men beurtjaren
voorkomen.

Voor meer informatie: zie
het bijzondere tuinboek "Groente
& Fruit Encyclopedie"
Veel
tuinplezier!
Auteur:
De Kinder G.
http://www.houtwal.be |