Voor enkele plantensoorten is het nuttig om bij de winterstekken een groeistofoplossing of bewortelingshormoon te gebruiken. Meestal worden de winterstekken na het knippen gebusseld, geëtiketteerd en ingekuild op een beschutte plaats. Na een vorstperiode moeten de houtige stekken terug aangedrukt worden. Sommige plantensoorten kunnen ook rechtstreeks in pot, onder glas gestekt worden. In maart - april worden de in openlucht bewaarde houtstekken afzonderlijk in volle grond uitgeplant. Voor een optimale groei moet de grond onkruidvrij, goed bemest en bewerkt zijn. Om een optimale groei te bekomen kan je best de bloemen regelmatig verwijderen. Hou de grond onkruidvrij door regelmatig te hakken of te schoffelen.
Bijvoorbeeld met Rhizopon A (I.A.Z.) - 50 mg per liter, Rhizonpon B (N.A.Z.) of Rhizopon AA (I.B.Z.)1%.
Worden de stekken behandeld met groeistoffen (opzuigmethode), dan moet dit gebeuren onmiddellijk na het snijden van de stekken.
Men plaatst de winterstekken met de basis (2 - 3 cm) in de groeistofoplossing. Meestal is dit voor 24 uur. (Voor meer info: zie stektabel)
Om de basis van de stekken iets te laten drogen, worden ze na het opzuigen ondersteboven in een tochtvrije, onverwarmde ruimte geplaatst.
De stekken van sommige plantensoorten wortelen sneller, beter en gelijkmatiger als er bewortingshormonen worden gebruikt.
9.Inbusselen en etiketteren van de winterstekken:
Na het snijden van de
houtige stekken of na de groeistofbehandeling binden we ze in geen te dikke bussels.
Indien er teveel stekken in één bussel zitten, dan kunnen de middelste van de bussel uitdrogen.
Als men maar één ras of cv. stekt dan kan men de houtstekken ook los inlegeren.
Voor het binden gebruikt men liefst synthetische koord, welke niet rot in de grond.
In de bussels moeten alle winterstekken onderaan goed gelijk zitten. Men let er eveneens op dat alle stekken met de ogen/ knoppen in de goede richting zitten (Te zien aan het bladmerk!
Men
moet de bussels steeds voorzien van goed leesbare etiketten. Op de
etiketten vermeldt men zeker de cultuurvariëteit (of het ras) en
eventueel ook de stekdatum. Sleufetiketten steeds met potlood of met
speciale stiften beschrijven!

Men kan de winterstekken of houtstekken tijdelijk bewaren of inkuilen op een beschutte plaats, waar geen zon komt.
Een noordenmuur is ideaal omdat men hier minder temperatuurschommelingen heeft en omdat de winterstekken hier niet zo vlug zullen uitlopen en dus meer tijd kunnen besteden aan callusvorming en wortelaanleg.
De kuilplaats moet boven water liggen, anders rotten de stekken.
Op droge grond moet men de stekken zo recht mogelijk inkuilen.
De basis van de winterstekken moet men goed aandrukken om uitdrogen te voorkomen
De bussels worden lijn na lijn ingekuild 1/3 boven de grond. Tussen de lijnen moet men een voetbreedte (10-15 cm) open laten om terug te kunnen aantrappen na een vorstperiode.
Indien nodig moet men de kuilplaats kunnen beschermen met netten of rietmatten tegen uitdrogende oostenwind en tegen de vogels (Uitpikken van de knoppen/ ogen bij rode- en witte trosbessen!)

Een nieuwe trend is het rechtstreeks plaatsen van de winterstekken in de eindcontainer (onder glas).
Men plaatst einde december
bijvoorbeeld 2 of 3 winterstekken in één container of pot.
De planten
die onder glas gestekt worden blijven na inworteling minimaal tot begin
mei in een vorstvrije ruimte.
Deze methode geeft reeds goede resultaten bij de volgende gewassen: Morus nigra (zwarte moerbei), Ribes nigrum (zwarte bes), Ribes rubrum (rode- en witte trosbes), Hibiscus syriacus, "poten" van Platanus acerifolia, Ribes sanguineum en Salix sachalinensis 'Sekka' (bandwilg).
Voordat de stekken aan de noordenmuur echt beginnen te wortelen, moeten ze in de volle grond uitgeplant worden!
Meestal gebeurt het uitplanten in de maanden maart-april.
De grond moet ontdooid zijn en mag ook niet te nat zijn.
De grond waarin men de winterstekken gaat uitplanten moet een goede structuur (niet te nat) en een hoog humusgehalte hebben. Gebruik geen verse stalmest.. Een ideale groei krijgt men als het perceel 1 of 2 jaar tevoren met stalmest is bemest.
De basis van de winterstekken moet goed in contact komen met de grond. Men moet dus goed aantrappen na het uitplanten.
De stekken worden zo recht mogelijk in de grond gestoken.
De beworteling van winterstekken is op zwarte plastiekfolie of op anti-worteldoek meestal veel beter dan in de gewone, volle grond.
De anti-worteldoek of plasticfolie moet wel gespannen worden op vochtige grond, welke vrij is van wortelonkruiden.
Sierheesters en bessenstruiken: 40 x 30 cm.
Pruim- en peeronderstammen: 40 x 20 cm.(Soms ook 50 x 10 cm)
De
normale winterstekken worden meestal 1/2 tot 2/3 diep in de grond gestoken.
Op nattere grond steekt men de stekken minder diep dan op drogere gronden.
Van extreem lange winterstekken (poten) wordt het ondereinde ca
15-20 in de grond gestoken.
De stekken moeten vrij blijven van onkruid. Bij gebruik van anti-worteldoekm is dit meestal geen probleem.
Bij sommige plantensoorten (o.a. de voorjaarsbloeiers) moet men de bloemen wegnemen. o.a. Weigelia, Forsythia en Ribes-soorten.
Bij te sterk instralende zon moet men schermen. (Praktisch is dit niet altijd mogelijk!)
Regelmatig hakken bij droog weer.
Zie overzicht "Fruit ABC - Stekkalender fruitsoorten"
Deze onderstammen stekt men bij voorkeur in de maanden november en december, vóór er strenge vorst is geweest.
Prunus domestica insititia
'St Julien A' en Prunus domestica 'Brompton'. ( = Pruim-, perzik- abrikoos- en
amandelonderstam)
Goed stekhout moet grijsachtig van kleur zijn.
Het topgedeelte van een twijg is meestal groen van kleur (te kruidachtig) en is ongeschikt voor winterstek.
Zowel hielstekken als gewone winterstekken worden hier gebruikt.
Stektijdstip bij voorkeur in november, omdat deze onderstammen moeilijk
wortelvormen.
De kersonderstam Prunus avium 'Colt' kan men vermeerderen door winterstek of houtstek.
De (Pyrus) peeronderstammen:
Cydonia oblonga 'Kwee MA', 'Kwee Adams' en 'Kwee MC'.
Stektijdstip: januari of februari. Gewone winterstekken lukken meestal zeer goed.
Stektijdstip oktober-november. Hielstekken of voetstekken geven een betere beworteling dan gewone stekken. Gebruik enkel heel stevige eenjarige twijgen.
Stektijdstip van begin december tot half januari. Middelmatig dikke eenjarige twijgen. De stekken zijn 10-15 cm lang, hebben korte internodiën en worden onderaan licht verwond. Een groeistofbehandeling van I.B.Z. (Rhizopon AA 1%) of N.A.Z. (Rhizopon B) is noodzakelijk. Rechtstreeks stekken in potten onder glas bij een temperatuur van 20-24°C. Stekmedium perlite + stekgrond. De bewortelingsresultaten van gestekte kiwi's zijn matig tot redelijk goed.

Als fruitsoort zelf (voor de vruchten!). Sommige rassen van kweeperen of kweeappels wortelen gemakkelijk.
![]()
Gewone houtstekken, hielstekken en krukstekken in oktober - november, rechtstreeks in pot.
Meerjarig stekhout, waaraan een stukje eenjarig hout zit. Stekdikte 1,5 tot 8 cm.
Verwijder de bladeren en vruchten bij het stekken.
Stekken bovenaan insmeren met entwas tegen het uitdrogen.
Deze winterstekken in pot vorstvrij overwinteren.
Houtstekken genomen van productieve planten geven direct ook vruchten.
Neem enkel stekken van planten die in ons klimaat rijpe vruchten geven!
De meeste vijgenrassen uit het Zuiden zijn in ons klimaat onvruchtbaar
--> geen eetbare vruchten

Winterstekken nemen van meerjarig hout, begin december en onmiddellijk oppotten in containerzakken of plastiek potten.
In een vorstvrije serre overwinteren.
Het stekken van moerbei lijkt erg op het stekken van vijgen.
![]()
De stekken bovenaan en onderaan door de knopen knippen om te voorkomen dat er water in het holle merg blijft staan en om te voorkomen dat de schimmels onder aan de stek gaan rotten.
![]()
Stektijdstip januari - februari. (= ook snoeitijdstip!).
Normale winterstekken of krukstekken van ca 25 cm lang kunnen buiten ingekuild worden.
Eenoogstekken en lidstekken kunnen ook rechtstreeks in potten onder glas gestekt worden.
![]()
Ampelopsis (wilde wingerd),
Buddleia davidii- vlinderstruik (november),
Chaenomelis speciosa 'Rubra' en Chaenomeles japonica - sierkwee, dwergkwee:
opzuigmethode met Rhizopon AA is noodzakelijk (6 - 8 uur). Stektijd november
- februari.
Cornus alba,
Cotoneaster maupinensis,
Deutzia scabra,
Forsythia - Chinees Klokje: liefst de ondereinden van 2-jarige takken gebruiken en dit bovenaan en onderaan door een knoop
snijden,
Hibiscus - Septemberroos, altheastruik, Chinese roos: winterstekken onder
glas.
Hydrangea paniculata - pluimhortensia: februari (stekken in volle
grond)
Ligustrum ovalifolium (liguster),
Lonicera (kamperfoelie, honingbes),
Polygonum of Fallopia - duizendknoop: winterstek in potten onder glas
Philadelphus (boerenjasmijn),
Platanus acerifolia (nov.),
Populus alba en Populus nigra (populier): ook zeer lange stekken van 2
meter lang kunnen gebruikt worden. Eventueel ook kopstekken.
Ribes sanguineum (rode sierbes), Ribes alpineum en Ribes odoratum - gele geurende sierbes (syn. Ribes aureum)
Salix (wilg),
Spiraea arguta (spierstruik),
Tamarix,
Weigelia, .....
Zie Groente & Fruit Encyclopedie!
Winterstekken van onderstammen en winterstekken uitplanten
Linkermenu onzichtbaar? Klik hier om te herladen!
G.D.K.
|
De Kinder G. - www.houtwal.be
Laatste aanpassing 19/02/10