Houtwal.be --> Fruitencyclopedie --> Plantenziekten --> Kleine wintervlinder op fruitbomen

Fruit in de fruittuin: Kleine wintervlinder (Operophtera brumata)


 Door  Guy De Kinder - www.houtwal.be en http://twitter.com/gdekinder

De kleine wintervlinder (Operophtera brumata, familie Spanners) is een avondvlinder waarvan de spanrupsen in de lente schade kunnen doen aan fruitbomen. Boomlijmbanden kunnen in oktober en november aan boomstammen vastgemaakt worden tegen het vleugeloze vrouwtjes van de (kleine)wintervlinder. Deze vrouwtjes klimmen langs de stam omhoog om talrijke eitjes af te zetten op de takken. De spanrupsen die vanaf april tot juni uit de eitjes komen, voeden zich met de bladeren van de fruitbomen. Er kan ernstige vraatschade zijn aan jonge bladeren, bloesemknoppen en jonge vruchten. Bij appel-, peren-, pruimen- en kersenbomen kan dit insect ernstige vraatschade doen. Er bestaat ook een grote wintervlinder (Erannis defoliaria), maar deze komt minder vaak voor op fruitbomen.


Levenscyclus van de kleine wintervlinder:

De eieren van de kleine wintervlinder overwinteren op de takken. De spanrupsen leven van april tot ca half juni en laten zich dan neerdalen naar de grond om daar te verpoppen.
De rupsen verpoppen in de grond vanaf juni tot oktober.
De volwassen insecten (imago) leven vanaf eind oktober tot einde december.


Afbeelding zien? Zie --> http://fruitabc.blogspot.com/2010/10/lijmbanden-of-rupsenlijm-tegen.html

 

januari februari maart april mei juni juli augustus september oktober november december
Ei Ei Ei Ei                  
      Rups Rups Rups              
          Pop (in de grond) Pop (in de grond) Pop (in de grond) Pop (in de grond) Pop (in de grond)    
                        Imago Imago
                    Ei Ei

- De kleine spanrupsen vreten in het voorjaar aan de jonge bladeren en soms ook aan de bloemknoppen. De jonge rups is een geelgroene spanrups met over de rug een onduidelijke donkere streep. Later hebben de spanrupsen een donkergroene kleur. De meeste rupsen laten zich einde mei - begin juni neerdalen naar de grond om daar te verpoppen.
- De poppen zitten tussen juni en half oktober in de grond, waarna er een volwassen insect (imago) te voorschijn komt.
- De vleugelloze vrouwtjes van de "kleine wintervlinder" gaan in de periode van de eerste nachtvorsten (oktober-november) 's avonds langs de boomstam omhoog klimmen en haar eitjes leggen bij de uiteinden (eindknoppen) van de takken. De vrouwtjes zijn ca 6 mm groot. De mannetjes zijn ca 15 mm groot en zijn grijsbruin met fijne bruine bandjes over de vleugels. In de herfst en winter zijn ze ook te zien op verlichte ramen.

Schadebeeld?

Vraatschade in april, mei of juni aan bladeren, bloemknoppen en jonge vruchtjes. Bloemtrossen worden aan de bodem aangevreten.
De spanrupsen kunnen een volledige boom kaalvreten.
In het voorjaar vreten de spanrupsen ook aan jonge vruchten. Rond de wonde ontstaat tijdens de vruchtgroei een opvallende verkurking. In de herfst is deze verkurking heel opvallend.
 

Invloed van de plantensoort op meer of minder aantastingen van de kleine wintervlinder?

- Plantensoorten waarop de kleine wintervlinder vaak voorkomt zijn eiken (Quercus), haagbeuk (Carpinus betulus), wilg (Salix), populier (Populus) en es (Fraxinus).
Op nabij groeiende fruitbomen kan er ook vraatschade zijn.
- Soms kan er bij nabij groeiende bessenstruiken vraatschade voorkomen.
- Indien de vernoemde sierbomen (bosbomen) over fruitbomen groeien, dan kunnen de spanrupsen zich aan spinseldraden laten zakken tot in de fruitbomen.
- Vroegbloeiende en middenvroegbloeiende rassen lijken meer schade op te lopen van de kleine wintervlinder.
- Er is meer schade aan kortstelige rassen dan bij langstelige rassen. 'Schone van Boskoop' (keukenappel) en 'Saint Remy' (stoofpeer/keukenpeer) worden veel aangetast.
- Fruitbomen nabij een loofbos (eiken en wilgen) hebben een grotere kans op schade.
 

Hoe de kleine wintervlinder bestrijden of uitbreiding voorkomen?

- Kleine vogels zoals koolmezen en de bonte vliegenvanger ruimen veel rupsen op. Hang in het vroege voorjaar vogelhuisjes in de fruitbomen.
- Behandelingen in april-mei met het biologische product Bacillus thuringiensis. (Dit biologisch product werkt het best bij een temperatuur vanaf 15C). Bij zware aantastingen is een tweede behandeling nodig.
- Door begin oktober lijmbanden (20-25 cm breedte) rond de stam aan te brengen (op 1-1,5 m hoogte) kan men vele vrouwelijke wintervlinders opruimen. Einde januari kunnen de lijmbanden verwijderd en verbrand worden. De lijmbanden worden op een hoogte van 1-1,5 meter boven de grond aangebracht en moeten minimaal 20-25 cm breed zijn.
Tip:
Verwijder vooraf alle hoog opgroeiende begroeiing, want langs daar kunnen die insecten ook omhoog kruipen.
Maak de boomstam onderaan goed proper met een harde (stalen) borstel en wrijf alle loszittende schorsdeeltjes weg. De plaats waar een lijmband of rupsenlijm moet komen zou goed proper moeten zijn.
Maak vervolgens op de boomstam een lijmband vast. Door begin oktober lijmbanden (20-25 cm breedte) rond de stam aan te brengen kan men vele vrouwelijke wintervlinders opruimen. Einde januari kunnen de lijmbanden verwijderd en verbrand worden. De lijmbanden worden op een hoogte van 1-1,5 meter boven de grond aangebracht (halfstam en hoogstam) en moeten minimaal 20-25 cm breed zijn. Bij laagstambomen worden de lijmbanden net onder de zijtakken vastgemaakt (ca 60 cm boven de grond).
Er is ook rupsenlijm die je kan opwarmen in een warmwaterbad en daarna met een schilderskwast rond de stam kan uitstrijken. Probeer dit werkje op een tamelijk warme dag te doen, dan is deze lijm beter uit te strijken..

Nuttige links:

- Fruit-ABC-blog van inheems- en uitheems fruit
- Lijmbanden of rupsenlijm tegen de wintervlinder aanbrengen!

- Zie ook "Fruit ABC-snoeikalender"
 
 

Voor meer teelt- en rasseninformatie: 

Zie Groente & Fruit Encyclopedie!



Terug naar index

Auteur: De Kinder G. http://twitter.com/gdekinder