Houtwal.be --- Fruit ABC --- Tuin- en plantenlinks --- Index tuintaal, tuinbouwtaal  --- Tuintaal: ...

Betekenis/defenitie tuintaal-tuinbouwtaal (vakjargon):

"Ki"
plaatje index

Definitie/betekenis/verklaring van een aantal moeilijke of speciale vakbegrippen i.v.m. tuinieren: kiem, kiemenergie, kieming, kiemingsduur, kiemkracht, kiemrust, kiemschimmels, kiemsnelheid, kiemvermogen, kiemwortel, kiwibes.

Kiem Aanleg voor een nieuwe plant, ingesloten in het rijpe zaad. Zie vermeerdering van fruitsoorten.
Kiemenergie Het percentage zaden die na een bepaald aantal dagen (vb. 4 dagen) gekiemd is. De energie of kracht die in het zaad zit om te kunnen kiemen.
Kieming Het eerste stadium in de ontwikkeling van een plant uit zaad. Het moment waarop het jonge plantje uit het zaad komt. Zie rubriek zaaien van fruitsoorten.
Kiemingsduur De tijd die het zaad nodig heeft om te beginnen met groeien.
Kiemkracht Het percentage zaden die in totaal kiemt, na een langere periode. (vb. na 10 dagen). Het percentage zaden dat binnen een bepaalde tijd kiemt. (Zie ook "kiemvermogen")
Kiemrust De rusttijd die het zaad nodig heeft voordat het kan kiemen.
Kiemschimmels De schimmels die tijdens de kieming het zaad al aantasten.
Kiemsnelheid De snelheid waarmee het zaad kiemt, nadat het is gezaaid.
Kiemvermogen De levensduur van bewaarde zaden. (Sterk afhankelijk van de bewaarsomstandigheden). Zaden moeten koel, droog en luchtig opgeslagen worden.
kiemwortel De in de kiem aanwezige wortel die na de ontkieming uitgroeit tot een wortelgestel
Kiwibes Kiwiberry of Actinidia arguta. De aangenaam zoete bessen zijn rond of ovaal en 3,5 tot 5 cm grootte. Rijping vanaf september tot oktober. Meer teeltinfo over kiwibessen (minikiwi)