| Op eigen wortel | Elke niet-geënte plant staat op eigen wortel, in tegenstelling tot een geënte, die op vreemde wortel staat. Houtig kleinfruit (Ribes, Rubus en Vaccinium) staat meestal op eigen wortel en wordt meestal vermeerderd door stekken. |
| Op schaal | Niet op ware grootte. Schaal 1: 100 wil zeggen, 1cm op de tekening is 100 cm in werkelijkheid. |
| Opbinden | Het omhoogbinden van twijgen of vruchttakken die te laag hangen. Slappe planten met een touwtje of een ringetje aan iets vastmaken, zodat ze niet omvallen. |
| Openbaar groen | Bomen en struiken in parken en plantsoenen waar iedereen in mag. |
| Openspringende zaaddozen | Het proces waarbij zaaddozen bij rijpheid openspringen. |
| Opkomen | Het moment waarop de gezaaide plantjes uit de grond komen. |
| Opkronen | De kroon van een boom bijsnoeien, zodat deze zich sierlijk ontwikkelt. |
| Opkuilen, Inlegeren | Het tijdelijk planten van bomen na het rooien in de kwekerij en voor het definitief planten in de aanplanting. Planten voor een korte tijd in de grond zetten, zodat de wortels niet uitdrogen. |
| Opkweken | Het in een kas of binnenshuis verzorgen van jonge planten, voordat deze buiten worden uitgeplant. |
| Opneembaar | In water opgeloste stoffen zijn opneembaar als plantenwortels het kunnen opzuigen. |
| Oppervlakkig | Niet diep. Bijvoorbeeld de grond oppervlakkig/ ondiep bewerken. |
| Oppervlaktewater | Het water in sloten, grachten, kanalen, meren, .. |
| Oppotmachine | Een machine om jonge planten in pot te zetten. |
| Oppotten | Oppotten is het plaatsen van plant en grond in een pot of iets dergelijks, waarin hij tijdelijk of permanent gekweekt zal worden. Jonge planten in ene pot zetten. |
| Opschieten, doorschieten | Eenjarige groenten en bloemen die vlug overgaan naar het bloei. |
| Opschikken | Een gedeelte van de wortels en bladeren inkorten voor de planting. |
| Opslaan, opslag | Het spontaan uitspruiten van jonge scheuten uit de wortels of stamvoet, soms ook na terugsnoeien of afhakken. |
| Opslag | 1. Jonge planten die niet door de mens zijn gezaaid of geplant. 2. Het bewaren van spullen. |
| Opslag of wildopslag (fruitteelt) | 1. De onderstam kan soms scheuten vormen onder de entplaats. Er zijn 3 soorten: onderstamscheuten, onderstambasisscheuten en wortelscheuten. Zie ook "Verwijderen van wildopslag bij fruitbomen" |
| Opslaggevoelig | Planten welke gemakkelijk wortelopslag geven. Frambozen en braambessen geven gemakkelijk wortelopslag. |
| Opsleunen, Opsnoeien | De onderste zijtakken verwijderen. Bijvoorbeeld bij een onderstam, welke men wil oculeren. Zie voorbereiding op oculeren |
| Opwas | Dit is het gedeelte van de onderstam boven de oculatie of ent. Zie ook enten van onderstammen. |